LEZENDE JONGEN

(Hoog) sensitieve en prikkelgevoelige kinderen en voeding

 

Het gedrag van onze kinderen wordt via allerlei wegen beïnvloed.LEZENDE JONGEN

Allereerst neemt het kind het eigen temperament mee met de geboorte.

Een kind kan van jongs af aan activistisch gedrag laten zien, of is een observator, een denker of juist een analytisch wezentje.

De omgevingsfactoren zijn daarnaast groot. Ouders, in eerste instantie de moeder, bieden nurture (opvoedings-, en omgevings-,) invloeden. Ook karmische invloeden zijn er. Ouders geven hun eigen voorouder energie en genen mee. Als we naar een moeder kijken zien we haar eigen gedrag, temperament en stressregulering en dat deze van belang zijn bij het beïnvloeden van het gedrag van haar kindje. In de zwangerschap heeft zij al invloed op de evenwichtige opbouw van de diverse zenuwsystemen van haar kindje. Na de geboorte zijn omgevingsinvloeden van wezenlijk belang. We laten een kindje langzaam wennen aan voedsel. Het is ook zeer wenselijk om een baby de eerste paar maanden langzaam te laten wennen aan omgevingsprikkels. Op deze manier kan de sensomotorische ontwikkeling evenwichtig plaats vinden. De baby langzaam laten wennen aan omgevingsinvloeden is steeds moeilijker in een wereld die steeds meer prikkels prijsgeeft, maar nog steeds belangrijk.

Over voeding spreken we eigenlijk nog te weinig met elkaar. Wat is het belang van voeding, hoe kan dit het gedrag van je kind beïnvloeden? Welk effect heeft het op de prikkelverwerking?

Experts zeggen dat in het geval van hyperactiviteit en andere ‘gedragsproblemen’ de voeding een belangrijke factor is.

Bij Sensikids noemen we deze groep kinderen liever de kinderen die regelmatig op een dag prikkels zoeken. Het is mogelijk dat zij juist verlangen naar bepaalde voedingstoffen omdat ze geprikkeld willen worden. Ze zoeken naar hoogwaarschuwende prikkels. Alleen al het kraken van chips kan ze een voldaan gevoel geven. Ze zoeken bijvoorbeeld zout of zuur snoepgoed vanwege de prikkels. Of willen chocola omdat ze zich leeg voelen van binnen en hun spieren slap aanvoelen.

Vandaag daarom een paar ‘kalmerende’ voedingsadviezen voor activistische, onderzoekende kinderen.

Deze groep laat ook vaak ontladingen (driftbuien e.a.) zien. Wat kunnen we doen om de stressregulering ook vanuit de voeding te stimuleren?

Het is voor ouders belangrijk om er achter te komen welke voedingsstoffen hun kind Druk, Driftig en Prikkelbaar (DDP-gedrag) maken. En deze dan niet meer of in veel mindere mate aan te bieden.

Als kinderen veel suiker willen en eten dan is de glucose spiegel in het bloed onderhevig aan pieken en dalen die regelrecht van invloed kunnen zijn op DDP-gedrag.

Het effect op de afgifte van adrenaline en cortisol is groot. Een te grote afgifte van cortisol vermindert de mogelijkheid om nutriënten op te nemen.

Het brein van je kind heeft voldoende nutriënten nodig om evenwichtig opgebouwd te worden. Nutriënten zijn voedingstoffen zoals vitamines en mineralen.

Sommige toegevoegde fabrieksmatige stoffen kunnen daarnaast negatieve invloed hebben op het gedrag van kinderen, zoals kleurstoffen en smaakversterkers. Ze maken het prikkelverwerkingssysteem mogelijk overactief. Het registreren, sorteren en verwerken van prikkels in het brein kan mogelijk minder goed plaatsvinden.[1]

Voor jou als ouder is het dus erg belangrijk om te onderzoeken wanneer je kind stress ervaart en daar goed op te reageren.

Noten, zaden en groenten bevatten de nutriënten calcium en magnesium en maken kalm. Ze helpen bij de evenwichtige opbouw van het zenuwstelsel van je kind. Vitamines als A, B, D en E zijn zeer belangrijk. Zonlicht of buiten zijn zorgen voor de opname van vitamine D.

De nieuwe schijf van vijf kan behulpzaam zijn hier. Want zoals het voedingscentrum zegt is een kind meer gebaat bij elke dag gezond en gevarieerd eten dan bij voedingssuplementen. [2]

Als je kind prikkels nodig heeft merk je dit misschien aan ongericht en passief of actief gedrag.

Dus zowel een prikkelzoeker als een prikkelmijder kan dan meer prikkels nodig hebben in plaats van minder.

In het geval van stress (hoge alertheid) zoek je naar dempende voedingsmiddelen. Warme thee met honing kan helpen. Sterrenmunt thee is een klassieker. Een handje rozijnen is goed. Een banaantje helpt. ‘Zachte’ voedingsmiddelen zijn hier belangrijk.

In geval van lage alertheid zoek je juist naar opwekkende voedingsmiddelen. ‘Harde’ voeding is hier fijn.

Zout, zuur en bitter zijn hoog waarschuwend. Evenals een cracker, een appel (met schil), een stukje kaas, een wortel, een stukje paprika.

Een stuk fruit, yoghurt met fruit, een handje noten, een beker bouillon, allemaal hoogwaarschuwend.

Eigenlijk is de belangrijkste tip in dit stuk om eens na te gaan of je kind vaak hoog alert is als het druk of passief en ongericht gedrag laat zien of juist laag alert. Wij zochten een paar handige websites voor je uit! [3]

 

[1] (www.voedingscentrum.nl Op deze website vind je uitleg over de vitamines die noodzakelijk zijn per leeftijd en nog veel meer informatie.)

 

[2] www.sensomotorische-integratie.nl geeft overzichtelijke informatie over prikkelverwerkingsproblemen.

 

[3] http://www.hoedraaitjouwmotor.nl geeft handige informatie over de alertheid bij kinderen.

 

Een reactie plaatsen