Wat is sensitief denken?

images

Veel (hoog) sensitieve kinderen denken in beelden, begrippen, voorstellingen, herinneringen, filmpjes, kleuren, geuren, gevoelens, sensaties en smaken. Wat betekent dit?

Eigenlijk worden alle zintuigen gebruikt bij deze wijze van denken (en ervaren), maar ook het onbewuste deel in de hersenen dat de herinneringen prijsgeeft (zodra er sprake is van zintuigelijke ervaringen zoals een geur, een liedje of een nieuwe gebeurtenis) is zeer actief. Het is namelijk de hippocampus die actief wordt als er prikkels worden doorgegeven. Dit is de reden dat Elaine Aron ons vertelt dat bij deze groep kinderen het motto: “1 keer misgeschoten is altijd mis!” bovenaan staat. En waarom we als ouder dit bij ons kind moeten erkennen: Zet tegenover een negatieve ervaring altijd een positieve. Omdat deze groep kinderen wat vaker in een lichte trance is zullen ervaringen en gedachten namelijk diep in het onderbewuste worden gelegd, waar ze steeds weer opnieuw actief kunnen worden.

Deze groep kinderen kan in hun hoofd een heel ander beeld krijgen dan wij bedoelen. Berucht is het gesprek tussen twee mensen over een hond. Iemand vertelt sinds kort een hond te verzorgen. Alleen door specifiek te maken om wat voor een hond het gaat zal de luisteraar een juister beeld krijgen van de hond. Het is een grote hond, ongeveer zo hoog als de tafel. Zijn vacht is wit en heeft een zwarte vlek onder zijn kin. ‘Hond’ is een verzamelbegrip en een beelddenker zal zijn eigen begrip omhoog halen uit het geheugen. Dit beeld kan afwijken van wat een ander bedoelt.

Nog meer verzamelbegrippen: ‘Huiswerk’ ‘Koekjes’ ‘Kleren’ Ga je huiswerk maken wordt ‘Ik wil dat je begint met je opdrachten wiskunde’. Wil je een koekje? ‘Wil je een stroopwafel of een zandkoekje?’ Ruim je kleren op en doe ze in de was. ‘Ik wil dat je je schone t-shirts in de kast legt. Je gedragen kleding kan in de wasmand.’

Deze groep kinderen neemt taal en afspraken vaak zeer letterlijk. Dit kan voor conflicten zorgen. Ze nemen zaken vaak heel persoonlijk op. Ook als informatie over anderen wordt gegeven betrekken ze het mogelijk op zichzelf. Ze voelen zich vaker dan gemiddeld gepest omdat ze taal en houding van derden letterlijk nemen. Of ze kunnen het gevoel hebben dat ze worden uitgelachen, ook als gaat het om een grapje. Grapjes zijn vaak talig. Dit zorgt voor ongemak bij deze kinderen. Leer deze kinderen omgaan met beeldende taal en gezegden. In de cursus “Ik doe het anders en dat is oké!” die onze coaches kunnen aanbieden gaat een hoofdstuk over beelddenken en taal. Deze cursus is voor een deel hetzelfde als de Ik ben Oké! cursus, maar meer toegesneden op beelddenkers en kinderen met een lichte vorm van ASS.

Abstracte woorden en taal moeten worden vermeden. De woorden straks en niet  hebben bijvoorbeeld geen betekenis voor een beelddenker. Ik wil niet dat je door de gang rent, wordt daarom: ik wil dat je rustig loopt in de gang. Straks gaan we samen iets doen wordt: Als ik klaar ben met boodschappen uitpakken heb ik tijd voor jou, en dan gaan we samen tekenen.

Een beeld kan een leven lang meegaan. Zo kennen wij kinderen die op zesjarige leeftijd het heel letterlijk namen dat ze hun best moesten doen in de klas. En veel later zijn ze nog steeds op hun tenen aan het lopen omdat ze geen fouten mogen maken van zichzelf.

Deze kinderen hebben veel positieve zinnen nodig. Zeg altijd wat je wel wilt, in plaats van wat je niet wilt.

Deze groep kinderen kan moeite hebben met het lang luisteren naar instructies. Wij geven ze tijdens de Sensikids cursussen iets te doen tijdens het luisteren: een mandala kleurplaat kleuren of tangles gebruiken waarmee ze kunnen friemelen. Ook mogen ze staan of bewegen als ze luisteren. En tot slot: Bewegen tijdens oefenen zorgt er voor dat het nieuw geleerde beter wordt opgeslagen in het geheugen.

Een belangrijke tip is: gebruik de kwaliteiten fantastie-rijk en het voorstellingsvermogen tijdens het werken en spreken met deze kinderen. Biedt altijd passende beelden aan. Als het gaat om een nieuw beeld: zoek naar het passende, algemene beeld. Kinderen met deze kwaliteit kunnen ze zich zeer onveilig voelen als ze ‘in het duister tasten’!

Sylvia van Zoeren

Een reactie plaatsen